Nieuwsbrief



VVD over schoolwijzer: stop met beperking keuzevrijheid van ouders

14 dec 2011 | Reageren

De VVD heeft niets tegen een centraal aanmeldpunt. Als schoolbesturen hun aanmeldingen beter kunnen structureren via een centraal aanmeldpunt, dan is daar natuurlijk niks mis mee. Daarnaast kan een centraal aanmeldpunt voorkomen dat de ene school de deuren moet sluiten vanwege een te laag aantal aanmeldingen, terwijl de andere school noodlokalen moet bijbouwen. Het gaat nu echter om de wijze waarop geselecteerd wordt. De huidige werkwijze van Schoolwijzer moet veranderd worden.

De VVD wil wel dat de spelregels van Schoolwijzer op een aantal punten worden gewijzigd.

Spelregel: Broertjes en zusjes krijgen voorrang
De VVD vindt het logisch dat kinderen waarvan de broertjes of zusjes al op een school zitten, voorrang op diezelfde school krijgen. Het zou absurd zijn als ouders hun kinderen naar verschillende scholen zouden moeten brengen. Zolang ouders ook maar het recht hebben om juist voor verschillende scholen te kiezen. De eerste voorrangsregel (broertjes en zusjes krijgen voorrang op dezelfde school), kan dus gehandhaafd worden.

Spelregel: Kinderen in de eigen wijk naar school
De tweede voorrangsregel moet worden aangepast. Nu wordt een straal van ±500 meter om elke school getrokken. Iedereen die binnen deze straal woont, krijgt voorrang op die school. Dit leidt er enerzijds toe dat kinderen die binnen een straal van verschillende scholen wonen op al die scholen voorrang krijgen. Anderzijds krijgen kinderen die binnen geen enkele straal vallen, nergens voorrang op een school. Bovendien blijkt uit de evaluatie dat met deze regel geen enkele doelstelling wordt behaald. VVD vindt het wenselijk dat wanneer ouders bewust kiezen om hun kind naar de dichtstbijzijnde school te laten gaan, zij daar voorrang krijgen. Er is echter geen reden om kinderen op meerdere scholen voorrang te geven. De keuzevrijheid van andere ouders wordt daardoor te veel beperkt. Op alle andere scholen dient daarom op basis van een eerlijke loting te worden bepaald wie op de school terecht kan. De VVD stelt daarom voor om de straal niet meer vanuit de school te trekken, maar vanuit het woonadres van de ouders zelf. De dichtstbijzijnde school bij het woonadres, levert voorrang op. Op alle andere scholen krijgt iedereen gelijke kansen. Op deze wijze raakt het systeem niet verstopt door allerlei voorrangskandidaten.

Spelregel: 30% kansarm / 70% kansrijk
De derde voorrangsregel is ronduit discriminerend. Men krijgt voorrang als het kind bijdraagt aan het bereiken van de verhouding 30% kansarme kinderen tegenover 70% kansrijke kinderen. Uit diverse onderzoeken blijkt dat deze verhouding nergens op gebaseerd is. Ook uit de evaluatie van Schoolwijzer komt naar voren dat de leerprestaties van kinderen hierdoor niet zijn verbeterd. Wel wordt hiermee bereikt dat kansarme kinderen worden afgewezen op een school waarop al teveel kansarme kinderen zitten. Een toelating op basis van de portemonnee en opleidingsniveau van de ouders is echter volstrekt ongewenst. De VVD wil deze voorrangsregel afschaffen.

Het plaatsingsmoment
Daarnaast zal het moment waarop de plaatsing wordt bekendgemaakt veranderd moeten worden. Nu (voor schooljaar 2011-2012) zijn er drie momenten: op 1 maart 2011, 16 mei 2011 en 15 augustus 2011. Veel ouders hebben zich al vroeg aangemeld en zitten vervolgens langdurig in spanning of hun keuze wordt geaccepteerd. En als die keuze uiteindelijk wordt afgewezen, zijn er geen mogelijkheden meer om alsnog voor een andere voorkeursschool te kiezen. Die zit dan namelijk ook al vol. Het gevolg is dat men dan is aangewezen op een school die nooit de voorkeur van de ouders heeft gehad.
Meer plaatsingsmomenten invoeren kan dit voorkomen. Ouders kunnen dan zelf kiezen of zij hun kind vroeg aanmelden, wat wordt beloond met een grotere kans om toegelaten te worden. Bij afwijzing, zijn er dan nog voldoende mogelijkheden om een andere voorkeursschool te kiezen. Immers, niet iedereen zal er voor kiezen om aan de vroege aanmelding mee te doen, zodat de scholen bij de eerste rondes nog niet vol zullen zitten. Op deze manier wordt een combinatie bereikt tussen enerzijds het principe “wie het eerst komt, wie het eerst maalt” en anderzijds de wens om bepaalde kinderen (op basis van broertjes/zusjes of afstand van de school) voorrang te geven.

Maximaal aantal leerlingen op een school en mogelijkheid tot uitleg voorkeur
Tot slot moet vastgelegd worden dat de afspraken over het maximaal aantal toe te laten kinderen op een school niet ertoe mogen leiden dat een school die jaar in jaar uit veel aanmeldingen krijgt, nooit zal kunnen groeien. Als de vraag van ouders er overduidelijk is, zal die gerespecteerd moeten worden. Ouders moeten tevens de mogelijkheid krijgen om in een gesprek uit te kunnen leggen, waarom een bepaalde school hun voorkeur heeft. Degene die namens het centraal aanmeldpunt dat gesprek voert moet beslissingsbevoegd zijn. Hij moet dus de ouders meteen, of binnen redelijke termijn, uitsluitsel kunnen geven

Voor meer informatie zie www.stopschoolwijzer.nu

 

Reageren

* - verplichte velden